Pagina's

zaterdag 6 oktober 2018

Indirectie

Verder over Metoprolol. In de opname van een optreden van mij onlangs in Utrecht over 'Bokalen', hoort u aan het eind gastheer Kees praten over zijn ervaringen met het medicijn Metoprolol, een bètablokker. Kees slikte de helft ongeveer van de dosis die ik nu slik maar had daar veel meer last van, met name zijn creativiteit leed eronder en zijn gevoelens voor de medemens (verliefdheden en zo). Hij legt ook uit hoe het medicijn een aantal primaire prikkels remt dan wel blokkeert. Ik moet zeggen dat ik dacht daar minder gevoelig voor te zijn, al herkende ik een deel van zijn verhaal wel van de tijd dat ik (gedurende twee jaar na mijn operatie) de dubbele hoeveelheid slikte ten opzichte van nu (dat is dus 4x de dosis van Kees). Maar zijn verhaal zette me wel aan het denken. Qua creativiteit merk ik eigenlijk weinig verschil met vroeger. Ook de aftopping van de inspanning bij sport levert niet wezenlijk een begrenzing op, ook al omdat ik geen enkele behoefte voel om de Mont Ventoux nogmaals op te fietsen. Met betrekking tot gevoelens en intermenselijke zaken is dat anders. Ik ben nu aan het ontdekken dat ik sommige primaire prikkels inderdaad lijk te missen, of in ieder geval in zeer afgezwakte vorm ervaar. Tegelijkertijd ontdek ik dat door goed te kijken naar bepaalde vormen van wat ik hier maar even voor het gemak 'secundaire' (gedrag)kenmerken noem, wel beter mijn primaire emoties kan benaderen, herkennen en benoemen. Interessant gebied voor meer zelfonderzoek de komende tijd.

woensdag 3 oktober 2018

Een vorig leven

@ Frans van de Vooren, 1971
Onlangs had ik een reünie van mijn oude lagere school. De school bestond 120 jaar en had alle klassen proberen te bereiken. Onze jaargang was goed vertegenwoordigd met acht van de zevenentwintig. Nadat we lichtvoetig het rondje gezondheid en zo hadden genomen (HIV, hersenbloeding, echtscheidingen, TIA (3x), anorexia, voettumor, coma, verwijderde lymfeklieren, boulimia, huidkanker, artrose en hartstilstand, kortom we leven allemaal nog) werd het een bijzonder aangename middag met als conclusie dat het bijpraten van zevenenveertigjaar in twee uur niet gelukt is. In de dagen erna werden er digitaal de analoge foto's uit 1971 uitgewisseld. Foto's die we in veel gevallen nog nooit (van elkaar) gezien hadden. Zo kwam Frans met de foto hiernaast op de proppen, een foto uit een serie waar steeds twee jongens uit de klas gekke bekken staan te trekken. Ik sta hier voor de kijker rechts op de foto. Ik heb met enige verwondering de afgelopen dagen naar dit beeld zitten kijken. Ik sta daar volledig ontspannen mezelf te zijn, overeenkomstig met mijn herinnering aan die tijd. Het is de laatste klas, ik kon goed leren, goed sporten, had vriendinnetjes en vriendjes, etc. etc. Met andere woorden: paradijselijke tijden en, ook, onschuld alom.

We zijn nu zevenenveertigjaar verder.  Alles wat hiervoor stond geldt eigenlijk nog steeds. Ik kan nog steeds goed leren (denken heet dat nu), goed sporten (voor mijn leeftijd dan) en heb nog altijd goede vrienden en lieve vriendinnen, etc etc. Maar de onschuld ben ik kennelijk kwijt geraakt. Ik weet niet zo goed waar en wanneer dat gebeurd is maar voor de buitenwereld vertegenwoordig ik nu vooral de groep 'male white priviliged' en ben ik verantwoordelijk voor vrijwel alles wat er mis is in deze wereld. Ik had dat eerlijk gezegd allemaal niet verwacht van mezelf als ik naar dat jochie kijk.